Training - enkel basisprincipes

18 Februari, 2020 13:37

Met training is het de bedoeling dat je je hond beter, sterker en weerbaarder maakt voor datgeen wat je van hem vraagt. Door de belasting te verhogen, verbeter je de belastbaarheid van de hond.

Maar wanneer ben je aan het trainen en wanneer geef je de hond beweging? Enkele basisprincipes:

Tijdens een training voeg je een prikkel toe die je hond nog niet eerder gedaan heeft. Je vraagt hem om de duur, intensiteit, afstand of snelheid te verhogen. In feite een grotere inspanning op één specifiek gebied dan voorgaande training. Bij beginnende honden zullen de stapjes klein zijn en bij ervaren honden zullen de stappen een stuk groter zijn.

Beweging geven is iets doen wat je hond al gedaan heeft. Dit is fijn om te doen als het wat rustiger aan mag, maar je wil toch wat dingen oefenen. Beweging geven is ook lekker wandelen of een stukje rustig fietsen.

Let wel: tijdens een training vraag je maar 1 nieuwe prikkel van je hond. Je gaat niet én de duur én de intensiteit verhogen. Dan loopt je het risico op overtraining en dat is iets wat niemand wil.

Supercompensatie

Tijdens de training van je hond krijg je te maken met het fenomeen supercompensatie.

Supercompensatie, prachtig woord! Maar wat betekent het en hoe pas je het toe?

Supercompensatie is het herstel van het lichaam boven het eerste uitgangsniveau. Wanneer je een trainingsprikkel toepast dan zal het lichaam daar na een herstelperiode beter van worden. Het lichaam past zich aan aan de veranderde omstandigheden. Dat heet adaptie. In de grafiek is te zien hoe zich dat schematisch afspeelt.

Wanneer je een trainingsprikkel geeft en de spieren worden echt moe dan ontstaan er microbeschadigingen in je hond die tijd nodig hebben om te herstellen. Deze microbeschadigingen zijn niet erg, ze zijn zelfs noodzakelijk om je hond sterker te laten worden mits je een correcte herstelperiode in acht neemt. Het moe worden zie je in de grafiek als de neerwaartse lijn.

Het laagste punt in de grafiek staat voor het eindpunt van de training. Daarna zie je tijdens de rust/herstelperiode de lijn naar boven gaat. Wanneer de lijn boven het uitgangsniveau uitkomt, spreek je van supercompensatie. Dat is ook het moment om weer dezelfde type training, waarbij dezelfde spiergroepen worden aangesproken te gaan doen. Tussen twee trainingen die gelijksoortige spieren aanspreken moet een hersteltijd van minimaal 72 uur zitten. Dit is om de microbeschadigingen te herstellen en spierglycogeen weer op peil te brengen. Rust betekent rustige, ander type oefeningen doen die andere spiergroepen aanspreken. Het is niet alleen maar stil liggen en niksen. 

Ga je te vroeg dezelfde spiergroepen aanspreken, dan zie je dan het lichaam niet beter wordt, maar juist verder zakt in de tweede grafiek. Soms is dat iets wat je bewust doet maar in veel gevallen is dit niet wenselijk. Het lichaam heeft dan langer de tijd nodig om te herstellen.

Wacht je te lang met dezelfde spiergroepen trainen dan gaat het lichaam terug naar het uitgangsniveau of misschien zelfs eronder en heeft je training niet zoveel zin gehad.

Globaal kan je het volgende lijstje aanhouden:

0-24 uur: geen herstel
48 – 72 uur: supercompensatie
5 dagen of meer: Geen verbetering van het oude trainingsniveau

Bovenstaande is een gemiddelde. Als jouw hond een zware belasting heeft ondergaan in de training, is de herstelperiode langer.

Dit was in het kort een aantal trainingsprincipes die belangrijk zijn als je met je hond wilt gaan trainen.

< De vakantie komt eraan, wat doe jij met je hond? Wij zijn verhuisd >